Columns

Op deze pagina staan korte teksten van Harm de Jonge, geschreven voor jongeren en volwassenen. Het kan een column zijn of de bespreking van een boek dat hij mooi vond om te lezen. De recensies zijn meestal gepubliceerd in Het Dagblad van het Noorden.

De duivel als marionettenspeler

De middeleeuwse Zuster Bertken liet zich uit geloofsijver inmetselen. Nog voel ik de huiver toen onze leraar ervan vertelde. Zevenenvijftig jaar zat Bertken in een kluis, door een luikje een bete broods en wat water aannemend. Over zo iemand gaat het ook in De dromenzaaier van Henny Fortuin, al is het daar dan geen heilige, maar een morsige zondaar die ter boetedoening door monniken is ingemetseld. Sette heet hij, een oude marionettenspeler, die ooit zijn ziel aan de duivel verkocht. Hij vertelt zijn levensverhaal.

Lees verder

Het kraaienvolk en de geelsnaveltok

Deze winter kreeg ik er een paar bijzondere vrienden bij. Elke morgen dienen ze zich met blijmoedig gekras aan. En pas als het broodrantsoen niet al te ruim bemeten is beginnen ze vuige taal rond te slingeren. Kraaien zijn sociale vogels, trouw aan de partner en de soort. En verbazend intelligent: een tipje van mijn jas, een flits van de auto en het stel komt in roekeloze vaart van ver aanstuiven.

Lees verder

Halfbroertjes zijn hele jongetjes

Mijn Juf Stubbe was een engel, maar dat ze de dag begon met duistere bijbelverhalen legde een schaduw van gruwel over mijn jonge jaren. Ik leerde een God kennen die kinderen liet verscheuren door beren, omdat ze een profeet uitscholden voor ‘kaalkop’. Die Abraham ertoe aanzette zijn zoon te offeren en toen dat niet meer hoefde nog wel een ram om zeep liet helpen. God hield niet van kinderen en dieren, dat was duidelijk. Had mijn nachtgebedje ‘Here, houd deze nacht over mij de wacht’ nog wel zin? Ik bad het met open ogen om roofdieren voor te zijn en voor alle zekerheid ging mijn witte muis mee naar bed.

Lees verder

De geur van oma’s sudderlapjes

Het is nu eenmaal niet anders: alles in het leven gaat voorbij. Gelukkig kreeg de mens ter compensatie het vermogen om herinneringen te bewaren. Hij ontdekte ook hulpmiddelen om de schatkamer van het verleden gemakkelijker te openen: we plakken foto’s in albums, we bewaren voorwerpen van vroeger. En soms woelt het verleden zich vanzelf los door een oude geur of smaak. Prachtige literatuur over de verloren jeugd is zo ontstaan: van Proust (madeleinekoekjes) tot Vestdijk (stoomtrein). Veel auteurs grijpen ook het overlijden van hun ouders aan om herinneringen op te halen: bijvoorbeeld Wolkers (De Junival), Matsier (Gesloten huis).

Lees verder

Een roestige spijker als piercing

Niet iedereen gelooft een schrijver zomaar op zijn woord. Uitgevers willen bijvoorbeeld nog wel eens vragen: ‘Klopt dat wel wat daar staat? Zijn er echt negermeisjes met blauwe ogen? Heeft een Volvo 440 wel stuurversnelling? Bloeien klaprozen nog in september?’

Er zijn ook lezers die controleren of het wel kan wat er in het boek staat. Ik herinner me iemand die uitprobeerde of je ‘s nachts op de hei in Engeland een boek kon lezen bij het licht van glimwormen. En kortgeleden hipten er twee Lemniscaatjournalistes mijn huis binnen. Ze wilden weten hoe het precies zat met het Kidsweek-boek De geur van roestig ijzer en kwamen dus ook met vragen als: ‘Dat meisje in het boek is dertien jaar en ze heeft de zwarte band judo?’ Ze hadden natuurlijk gelijk: hoe goed je ook bent in judo, de zwarte band als je dertien bent kan nooit.

Lees verder